"De OVB is van ons" | OVB-bestuurder Nicolaas Vinckier
Onze West-Vlaamse confrater Nicolaas Vinckier is ondertussen bijna 3 jaar bestuurder bij de Orde van Vlaamse Balies, waar hij mee het beleid voor de Vlaamse advocatuur uitzet. Binnenkort worden ook daar verkiezingen georganiseerd (de algemene vergadering stemt over de aanduiding van de bestuurders) en start een nieuwe bestuursperiode, die onder leiding van nieuwe voorzitter elect Erik Valgaeren zal verlopen. Tijd om te horen hoe de voorbije periode bij Nicolaas verliep en wat de verdere plannen zijn!
Nicolaas, je bent sinds 2023 bestuurder bij de OVB. Welke bevoegdheden neem je daar op?
Nicolaas Vinckier: “Mijn domein situeert zich vooral binnen de studiedienst: het aansturen ervan en mee vorm geven aan beleidsdossiers. In het begin van mijn mandaat werkten we ook aan de hervorming van de stage. De basis voor die hervorming was gelegd, maar door de val van de regering is het voorstel toen niet goedgekeurd. Het landschap is enorm complex, met weinig manoeuvreerruimte voor de OVB als derde speler. Universiteiten hebben daar nog steeds veel invloed. Daarnaast werk ik ook met Jan Meerts rond de reglementering van het beroep, en neem ik het voorzitterschap op van de commissie strafrecht.”
Sluit het bestuurderschap aan bij je verwachtingen toen je startte?
“Ja en nee. Als lid van de algemene vergadering had ik al wel een beeld van de werking ervan, een beetje zoals parlement en regering. Al gaat die vergelijking niet helemaal op. De effectieve invulling is toch nog heel anders. Je werkt veel intensiever samen met medewerkers en collega-bestuurders. Het is een verrijkende ervaring om de advocatuur vanuit een regulerend perspectief te bekijken al is het soms frustrerend dat het moeilijk is om bepaalde dossier te doen bewegen.”
Wat waren de hoogtepunten tot nu toe?
“Het leukste aan het bestuurderschap is dat je een ander facet van het beroep leert kennen: de regulering, het politieke werk, de contacten met de uitvoerende macht. Ik heb intussen vier à vijf hoorzittingen in het parlement mogen doen. Dat zijn momenten waarop we als beroepsgroep onze stem écht kunnen laten horen. Je kan een standpunt kenbaar maken en soms heb je ook succes. Het lobbywerk hoort daar natuurlijk bij: aankloppen bij beleidsmakers, het gesprek aangaan, geduld hebben. Het gaat nooit van vandaag op morgen".
"Een dieptepunt voor de advocatuur was de dodelijke schietpartij op advocaat Claudia Vanderstichelen. Nota bene werd juist op dat moment gesproken over een verhoogde stafbaarstelling voor bedreigingen tegen justitie-actoren, en de advocaat ontbrak in de lijst van beschermde hulppersonen. Dat voelde alsof we ‘vogelvrij’ verklaard waren. Dit was een van de eerste dossiers waarover ik een hoorzitting deed in het parlement en intussen is dat aangepast: de advocaat is nu wél opgenomen als beschermde hulppersoon. Die bescherming zal ingaan met het nieuwe Strafwetboek”
“Recent heb ik ook de pen mogen houden bij de redactie van één artikel in het nieuwe boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Als dit straks gestemd wordt in het Parlement (ze kunnen het nog afschieten) zal ik stiekem toch een beetje trots zijn als al is het een artikel dat in de praktijk heel weinig zal toegepast worden (opvolger van het huidige artikel 1597 OBW)".
De OVB heeft een dubbele opdracht: de belangen van de advocatuur én die van de rechtszoekende. Hoe bewaakt je dat evenwicht?
“Dat is cruciaal. Ons lobbywerk is geen zelfbediening. We vertrekken altijd vanuit het algemeen belang en de verbetering van de efficiënte werking van justitie. Een concreet voorbeeld: het computersysteem in strafzaken ("Mach"). Vandaag gebeurt het dat het slachtoffer soms sneller via de dienst slachtofferonthaal op de hoogte is van evoluties in het strafdossier dan de eigen advocaat. Dit geeft bij de cliënt de verkeerde indruk dat de advocaat niet geïnteresseerd is. In sommige gevallen is het zelfs zo dat een slachtoffer uitdrukkelijk wenst alleen via de advocaat (als filter) te worden ingelicht. Bijvoorbeeld in zedenzaken. Het is dan erg spijtig dat daar geen rekening mee wordt gehouden. We proberen daar verandering in te krijgen. . We proberen ook het elektronisch neerleggen van conclusies in strafzaken eindelijk te bekomen en te zorgen dat er een kalender kan komen in strafprocedures".
"We lobbyen ook op Europees niveau. We hebben contacten met de Europese Commissie over het beschikbaar blijven van boekhoudgegevens bij insolventie. We zijn ook bezig met de nieuwe Europese witwasautoriteit (AMLA). Waar we vroeger vooral via de CCBE werkten, overleggen we nu meer rechtstreeks met nationale toezichthouders zoals bij ons het CFT."
De digitale neerlegging in strafzaken en kalender is inderdaad iets dat we al lang proberen te bekomen, hopelijk komt daar een doorbraak!
Je nam een voortrekkersrol op in het dossier rond het aanpassen van het reglement over vertrouwelijke briefwisseling tussen advocaten. Waar staat dat vandaag?
“Binnen de OVB is er een gewijzigd reglement gestemd, waarbij de principes aangepast worden: de advocaat die een brief uitstuurt kan zelf bepalen of het officieel of vertrouwelijk is, zonder instemming van de tegenstrever te moeten hebben. Maar de goedkeuring geldt onder voorbehoud dat er bij de OBFG eenzelfde reglement komt, vooral in Brussel was die vraag er, zodat er niet met twee verschillende reglementen naast mekaar gewerkt moet worden. We hebben dus de nodige contacten gelegd met de Franstalige confraters hierover, en ik ben het dossier zelf gaan toelichten in de AV van de OBFG. Er was al heel wat draagvlak, maar er bleven ook sterke tegenstanders en momenteel zoeken we verder naar een consensus.”
Je was ook nauw betrokken bij de cel evenredigheid, die moet beoordelen of reglementen van de OVB en balies de beroepsuitoefening niet onevenredig beperken. Wat is daar gerealiseerd?
“Dat dossier was een beetje mijn kindje. In het begin was er weerstand om externen toe te laten in de cel, zelfs binnen onze eigen AV. Maar we hebben het er toch door gekregen op het einde van vorig gerechtelijk jaar. De cel bestaat vandaag uit drie advocaten en vier externen (zoals gewezen magistraten en een hoogleraar). De feedback van deze externen is bijzonder verrijkend. Het komende Koninklijk Besluit zal onze cel formeel mandateren, grotendeels volgens het advies van de OVB.”
Welke dossiers lopen nog en wat wil je nog realiseren in de komende periode?
“Er zijn nog verschillende belangrijke topics, zoals het tuchtrecht. We hebben al een volledig wetsontwerp voorbereid rond het tuchtrecht, met minder rechtsmiddelen en meer efficiëntie – een compromis samen met de OBFG. Daarbij willen we werken met een poule van tuchtonderzoekers. Andere zaken botsen nog op weerstand, zoals de afschaffing van artikel 477 van het gerechtelijk wetboek, waarin gesteld wordt dat er in een strafrechtelijke, burgerrechtelijke of administratieve procedure geen melding mag worden gemaakt van een tuchtprocedure".
Bij de minister van Justitie hebben we ook een zogenaamde ‘Mozaïek-nota’ neergelegd met een reeks budget-neutrale maatregelen en wetsaanpassingen die voor het advocatenberoep en de rechtszoekende kleine maar belangrijke stappen vooruit zouden betekenen. We hopen nog steeds dat de minister daarmee aan de slag gaat en we zijn daarover in dialoog".
Begrijpen we dat je opnieuw kandidaat zal zijn voor een bestuursmandaat, in de nieuwe equipe voorzitter elect Erik Valgaeren?
“Bij leven en welzijn stel ik me inderdaad opnieuw kandidaat. Ik blijf graag bij de domeinen studiedienst en deontologie. Het zijn domeinen waarin je écht kan waken over de basiswaarden van het beroep en met name onze onafhankelijkheid en de daaruit voortvloeiende autoregulering. De druk van de steeds meer toenemende compliance-verplichtingen (o.a. GDPR en anti-witwas) mogen we daarbij niet onderschatten."
Erik is de geknipte persoon om ons door deze woelige zee te loodsen. Hij heeft de blik stevig op de toekomst gericht zonder te vergeten waar we vandaan komen.
Wil je nog een boodschap meegeven voor de West-Vlaamse (of andere) confraters ?
“Input blijft belangrijk. Ik ken mijn eigen praktijk, maar er zijn 1001 manieren om advocaat te zijn. Als de OVB dossiers wil aankaarten in de politiek, mogen advocaten mij altijd mailen met signalen. Wie weet kan ik iets betekenen. Ik vind het altijd heel jammer als ik een confrater over de OVB hoor spreken alsof het een tegenstander zou zijn. Net als de balie is de OVB van ons. De OVB moet er dan ook zijn voor de advocaat. ”
Veel succes Nicolaas!
Reactie toevoegen